Voor het winterseizoen 2026-2027 openen drie luxehotels hun deuren in de Zwitserse, Franse en Oostenrijkse Alpen. Hoewel ze elk een eigen karakter hebben, delen ze twee opvallende kenmerken: een beperkt aantal kamers en een architectuur die resoluut breekt met het traditionele beeld van de berghut.
Badrutt’s Palace Hotel opent nieuwe Serlas-vleugel in Saint-Moritz
Saint-Moritz, Zwitserland
Het legendarische Badrutt’s Palace Hotel in Saint-Moritz staat al meer dan een eeuw symbool voor luxe, glamour en exclusiviteit. Sinds het begin van de twintigste eeuw verwelkomde het hotel beroemdheden als Charlie Chaplin, Audrey Hepburn en Alfred Hitchcock. Vandaag trekt het nog altijd een internationaal publiek aan dat de sneeuwpolowedstrijden op het bevroren meer van Saint-Moritz bijwoont, een avond doorbrengt in het exclusieve King’s Social House, de oudste nachtclub van Zwitserland, of zich met de Rolls-Royce van het hotel naar de skiliften laat brengen. Met zijn neogotische bogen, karakteristieke torentjes en imposante stenen gevel doet het 130 jaar oude gebouw denken aan een sprookjeskasteel. Het behoort dan ook tot de meest prestigieuze skihotels ter wereld.
Aan de overkant van de straat krijgt het historische hotel er met de nieuwe Serlas-vleugel een hedendaagse uitbreiding bij. Het Milanese architectenbureau ACPV Architects Antonio Citterio Patricia Viel koos voor een minimalistisch ontwerp dat een opvallend contrast vormt met de uitbundige architectuur van het oorspronkelijke gebouw. De nieuwe vleugel telt zes verdiepingen en biedt plaats aan slechts 25 kamers en suites. Een ondergrondse doorgang verbindt beide gebouwen, zodat gasten gebruik kunnen maken van alle faciliteiten van het Palace, waaronder de spa, de restaurants en de persoonlijke skibutlers. Binnen overheerst een verfijnde, eigentijdse inrichting met luxueuze stoffen van Loro Piana en designmeubilair van B&B Italia. Dankzij de kamerhoge ramen genieten gasten van een panoramisch uitzicht op de Alpen en het iconische hotel aan de overkant.

Maya Hotel Courchevel 1850 brengt Japanse sereniteit naar de Franse Alpen
Courchevel 1850, Frankrijk
Courchevel 1850 geldt als het exclusiefste van de vijf dorpen in het prestigieuze Franse skigebied en trekt al jarenlang een bijzonder vermogend internationaal publiek. Met de opening van het Maya Hotel Courchevel 1850 krijgt de bestemming er een nieuw luxueus adres bij. Het boetiekhotel telt slechts veertien kamers en suites en richt zich op reizigers die exclusiviteit en verfijnd design weten te waarderen. Architect en interieurontwerper Sylvestre Murigneux combineerde voor het project de elegante uitstraling van Monaco met de rustgevende eenvoud van Japanse interieurs.
Die combinatie komt tot uiting in een interieur waarin originele kristallen creaties van Lalique samengaan met Japanse minimalistische invloeden. Zachte kleuren, verfijnde materialen en hedendaags meubilair, geïnspireerd op het modernisme van de jaren vijftig en zestig, creëren een serene sfeer. Dankzij de kamerhoge ramen genieten gasten vanuit elke kamer van een panoramisch uitzicht op de omliggende bergen. Ook op culinair vlak kiest het hotel voor een internationale uitstraling. Restaurant MayaBay serveert een Thais-Japanse fusionkeuken, naar het voorbeeld van de populaire restaurants van het merk in Dubai en Monaco. Subtiele, theatrale verlichting versterkt de exclusieve sfeer.
Terwijl de kamers vooral rust en geborgenheid uitstralen, kiezen de gemeenschappelijke ruimtes voor een uitgesproken gedurfde inrichting. Felrode accenten en gepatineerd brons geven het interieur eerder de uitstraling van een exclusieve nachtclub dan van een traditionele berghut. In Courchevel 1850, waar het sociale leven en de uitstraling van een hotel minstens even belangrijk zijn als de skipistes, vormt die opvallende combinatie wellicht een belangrijke troef.

Eriro kiest voor exclusiviteit en afzondering in de Oostenrijkse Alpen
Ehrwalder Alm, Oostenrijk
Eriro onderscheidt zich van traditionele luxehotels door volledig in te zetten op privacy, rust en afzondering. Het exclusieve berghotel ligt op ongeveer 1.680 meter hoogte in de Oostenrijkse regio Ehrwald, midden in de Tiroolse Alpen. Gasten bereiken het hotel met de kabelbaan en leggen het laatste traject per sneeuwscooter af. In plaats van bruisende après-skibars en mondaine nachtclubs wachten hier uitgestrekte weiden, dichte bossen en een indrukwekkend berglandschap. Het hotel richt zich dan ook op reizigers die bewust afstand willen nemen van de drukte.
Met slechts negen suites biedt Eriro een bijzonder intieme verblijfservaring. De architectuur combineert ruwe, natuurlijke materialen met een verfijnd minimalistisch ontwerp. Lokaal hout speelt een hoofdrol, terwijl grote ramen het omliggende Alpenlandschap naar binnen halen. Zelfs de bedden hangen aan houten constructies, zonder dat het interieur daardoor aan een rustieke berghut doet denken. Integendeel, doordacht design, warme verlichting, diepe badkuipen en decoratieve wandtapijten creëren een eigentijdse en luxueuze sfeer. Om de rust te bewaren, ontbreken televisies volledig en krijgen gasten alleen op verzoek toegang tot wifi.
Het hotel, dat verbonden is aan Rosewood en deel uitmaakt van Small Luxury Hotels of the World, biedt bovendien een spectaculair uitzicht op de Zugspitze, de hoogste berg van Duitsland. Eriro hanteert een all-inclusiveformule waarbij maaltijden, drankjes en skipassen in de prijs inbegrepen zijn. Ook de gastronomie sluit aan bij de natuurlijke omgeving. In plaats van traditionele wintersportgerechten serveert de keuken verfijnde creaties met onder meer geconserveerde wilde bergplanten en lokaal wild.
De naam Eriro betekent in het Oudhoogduits ‘ingang van het bos’ en weerspiegelt perfect de filosofie van het hotel. Hier draait luxe niet om uitbundigheid of sociale status, maar om stilte, afzondering en de ongerepte schoonheid van de Alpen.
Dit artikel werd geschreven door Everett Potter en vertaald door Forbes.be. Het verscheen oorspronkelijk op Forbes.com.
