Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief

Abonnement Magazine

De winnende ruimtevaartstrategie van België

en
Nidal Taibi

In 2026 zal astronaut Raphaël Liégeois zich bij het Internationaal Ruimtestation voegen, vijftien jaar na de laatste ruimtevlucht van een Belg. Rond deze missie mobiliseren zich kmo’s en een volledig wetenschappelijk en industrieel ecosysteem, wat de vitaliteit aantoont van een land dat, ver weg van de schijnwerpers, is uitgegroeid tot een sleutelfiguur in het Europese ruimteonderzoek en de bijbehorende technologie.

In 2026 zullen de Belgische kleuren opnieuw in een baan om de aarde zweven. De 37-jarige astronaut Raphaël Liégeois, opgeleid als neurowetenschapper, zal in de herfst naar het Internationaal Ruimtestation (ISS) vertrekken. Hij wordt de derde Belg in de ruimte, na Dirk Frimout in 1992 en Frank De Winne (die twee keer vloog, in 2002 en 2009). Deze langverwachte vlucht maakt een einde aan meer dan vijftien jaar zonder Belgische vertegenwoordiging tussen de sterren.

Sinds zijn selectie door het Europees Ruimteagentschap (ESA) is een ware golf van enthousiasme losgebarsten in de laboratoria van het land: maar liefst 29 onderzoeksteams hebben experimenten voorgesteld om mee te nemen in een baan om de aarde, een weerspiegeling van het dynamische Belgische onderzoek. Drie volledig Belgische projecten zijn al geselecteerd voor de missie van Liégeois. Ze gaan over het kweken van maïs in gewichtloosheid, over een merkwaardig eencellig organisme genaamd de “blob” dat bestand is tegen straling, en over kwantumsensoren die chemische reacties in nulzwaartekracht analyseren. Deze experimenten onderzoeken cruciale vragen – van ruimtelandbouw tot de weerstand van het menselijk DNA – en tonen tegelijk Belgisch vakmanschap.

België begint niet van nul wanneer het een van zijn burgers naar het ISS stuurt. Sinds het einde van de jaren negentig gebruiken Belgische wetenschappers het ISS als een uniek laboratorium om te begrijpen hoe het menselijk lichaam en andere organismen zich aanpassen aan de ruimte. Onderzoek op het gebied van radiobiologie heeft er de schade aan weefsels gemeten en biomarkers geïdentificeerd, terwijl microbiologisch onderzoek de evolutie van bacteriën, virussen en schimmels in gewichtloosheid volgde. Het SCK CEN, het Belgisch nucleair onderzoekscentrum in Mol, droeg bij aan meer dan vijftien internationale experimenten aan boord van het ISS, op terreinen variërend van immunologie en plantenteelt voor toekomstige maantuinen tot ruimtedosimetrie – het voortdurend meten van kosmische straling waaraan astronauten binnen en buiten het ruimtestation worden blootgesteld.

De Belgische astronaut Raphaël Liégeois vertrekt binnenkort naar het ISS. © NASA

Deze Belgische inzet voor ruimtewetenschap gaat hand in hand met hoogwaardige technologische expertise. Satellieten, boordapparatuur, lanceersystemen – in de schaduw ontwerpen en leveren Belgische kmo’s en onderzoekscentra cruciale onderdelen voor talloze programma’s. “Verschillende Belgische bedrijven leveren elektronische en optische componenten van hoge precisie die worden geïntegreerd in satellieten en de systemen van Ariane 6, wat getuigt van het technologische topniveau van het land”, verklaart Sarah Baatout, adjunct-directeur van het Instituut voor Nucleair Geneeskundig Onderzoek bij het Studiecentrum voor Kernenergie. Zij benadrukt daarbij dat België, hoewel vaak een discrete speler, onmisbaar is geworden binnen het Europese ruimte-ecosysteem.

Verschillende Belgische bedrijven leveren elektronische componenten die worden geïntegreerd in satellieten van Ariane 6

In de praktijk steunt deze nationale inzet een netwerk van hightechbedrijven en toonaangevende centra met soms onderbelichte successen. In Charleroi ontwikkelt de fabriek van Thales Alenia Space Belgium al tientallen jaren de boordelektronica van Europese draagraketten: haar ingenieurs hebben duizenden onderdelen vervaardigd voor opeenvolgende Ariane-raketten en leveren vandaag zowel het trajectbeveiligingssysteem van Ariane 6 (dat de raket neutraliseert in geval van nood) als de sturingseenheden die de motorstraal richten. Niet ver van Brussel produceert het bedrijf Sabca, een andere veteraan van het Ariane-avontuur, de cilinders en actuatoren die de motoren van de zware Europese draagraket sturen. De jonge onderneming Aerospacelab, gevestigd in Louvain-la-Neuve, haalde onlangs 37,5 miljoen euro op bij de Europese Investeringsbank om de seriële productie van minisatellieten te versnellen en grote constellaties in lage baan om de aarde uit te rollen.

Deze voorbeelden illustreren de drijvende rol van de ruimtevaart voor de Belgische economie: een sector op het kruispunt van luchtvaart, elektronica en digitalisering, waarin het land zich gaandeweg sterke nicheposities heeft veroverd.

Naast onderzoek en industrie maakt ook onderwijs deel uit van deze ruimtevaartstrategie. Gespecialiseerde universitaire opleidingen, wedstrijden en stages in samenwerking met de ESA wekken wetenschappelijke roepingen bij jongeren op. “België investeert actief in de opleiding en bewustmaking van jongeren rond ruimtewetenschappen via programma’s, wedstrijden en samenwerkingen met de ESA. Deze initiatieven inspireren carrières én verzekeren de overdracht van erkende nationale expertise op internationaal niveau”, benadrukt Sarah Baatout. Door deze passie bij nieuwe generaties te stimuleren, wil het land zijn knowhow bestendigen en zijn talenten laten schitteren op het wereldtoneel, en zo de erfenis van figuren als Frimout, De Winne en Liégeois veiligstellen.

Sarah Baatout, adjunct-directeur van het Instituut voor Nucleair Geneeskundig Onderzoek bij het Studiecentrum voor Kernenergie. © NASA

De ruimte, een strategische keuze

Dat België zoveel investeert in de ruimtevaart, komt doordat het daar reële voordelen uit haalt op aarde. Het Koninkrijk behoort tot de belangrijkste bijdragers van de ESA: in 2025 draagt het 284,7 miljoen euro bij aan het budget van het Agentschap – goed voor 5,6 % van het totaal – en is daarmee de zesde grootste geldschieter van de 23 lidstaten. Dat is een aanzienlijke inspanning voor een land met 11 miljoen inwoners, die al decennialang met een langetermijnvisie wordt geleverd. “De Belgische deelname aan de ESA fungeert als strategische hefboom voor innovatie en concurrentievermogen”, verklaart Sarah Baatout. De opbrengsten van het ruimtebeleid zijn niet enkel wetenschappelijk: “Ze hebben ook betrekking op hooggekwalificeerde werkgelegenheid, technologische overdracht en de ontwikkeling van praktische toepassingen, onder meer in gezondheidszorg, geavanceerde materialen, hulpbronnenbeheer en aardobservatie”, legt de onderzoekster uit.

Met andere woorden, elke euro die in de ruimtevaart wordt geïnvesteerd, voedt een ecosysteem van bedrijven en laboratoria, stimuleert werkgelegenheid en leidt tot innovaties die hun nut op aarde bewijzen. Voor elke euro die aan de ESA wordt gealloceerd, stijgt de omzet van de Belgische private ruimtevaartsector met een vergelijkbaar bedrag. Zo verdubbelde de totale omzet in tien jaar tijd tot 710 miljoen euro in 2020. Volgens BELSPO, de Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid, vertegenwoordigt de Belgische ruimtevaartsector vandaag bijna 6.500 hooggekwalificeerde banen.

België heeft altijd de voeten op aarde gehouden en het hoofd in de sterren

Kortom, België bekijkt zijn ruimtetoekomst met ambitie en pragmatisme. Het weet dat het zal moeten rekenen op zijn ideeën, talenten en samenwerkingsvermogen om zich een plaats te verzekeren tussen de grootmachten. Maar dat weerhoudt het er niet van groot te dromen. Zoals toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Hadja Lahbib het samenvatte bij de ondertekening van de Artemis-akkoorden: “België heeft altijd de voeten op aarde gehouden en het hoofd in de sterren.” De komende kosmische uitdagingen zullen dat alleen maar bevestigen.

Forbes België
Forbes België
Volg Forbes België voor het laatste nieuws over economie, business, financiën en innovatie. Ontdek diepgaande analyses en deskundig advies.

Latest article