Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief

Abonnement Magazine

Herschikkingen, garanties voor L’Avenir en perssteun: de laatste hordes voor de fusie Rossel-IPM

Dit is geen monopolie. In het land van het surrealisme is de realiteit soms het slachtoffer van vervormde spiegels. Dit geldt voor het fusieproject tussen de twee Franstalige persgroepen, Rossel en IPM, dat in de komende maanden door de Belgische Mededingingsautoriteit (BMA) moet worden goedgekeurd. In feite zal deze overname van de IPM-groep door Rossel een monopolistische situatie creëren. Maar al maanden werken de twee groepen en enkele mediabedrijfspartners in stilte samen om de fusie te valideren. Onderzoek achter de schermen van deze operatie die het medialandschap en het werk van journalisten in België zal veranderen, mits de verschillende partijen de laatste obstakels op weg naar het monopolie kunnen overwinnen…

In de gangen van de redactie van L’Avenir, op de heuvel van Namen, is het feest voorbij. De regionale groep, die veel hoop had op de overname door de groep IPM in 2020 na de tumultueuze periode met Nethys, moet nu ontgoocheld zijn. ‘IPM heeft niet veel gedaan voor L’Avenir, behalve een drastische kostenreductie, de implementatie van synergiën en een toenemende desinteresse,’ zegt men intern. ‘Vandaag hebben we het gevoel dat IPM ons helemaal niet meer interesseert, dat het niet hun probleem is en dat ze ons hebben opgeofferd in de fusie door ons onder de vleugels van Sudinfo te plaatsen.’

Ironisch genoeg, na een complete strijd tegen Nethys en Stéphane Moreau te hebben gevoerd, koesteren sommigen in de redactie spijt. ‘Het is waar dat sommigen Nethys beginnen te missen, het was een groep die geen financiële problemen had en zich eigenlijk vrij weinig met de redactie bemoeide,’ zegt een interne bron. Deze spijt is een weerspiegeling van de wanhoop en bezorgdheid die vandaag intern heersen.

Want nu speelt de toekomst van de regionale persgroep van Namen zich enkele honderden meters verderop af, aan de andere kant van de route de Hannut, in het hoofdkantoor van zijn historische rivaal, Sudinfo. De vooraf door de twee bedrijven gemaakte afspraken voor de fusie zijn duidelijk en verdelen de toekomstige kolos van de Franstalige pers in drie takken: de tak van Le Soir, die van La Libre en de DH, en de enorme regionale pijler (de grootste qua verspreiding) die de titels van Sudinfo (La Meuse, la Nouvelle Gazette, La Province, Nord-Eclair) en die van L’Avenir zal omvatten.

En hoewel deze twee media theoretisch op hetzelfde doelpubliek (de Waalse regio) gericht zijn, zijn ze in de praktijk heel verschillend: de bedrijfscultuur, de redactionele benadering, het financieel beheer, de interne tegenzuren (Journalistenvereniging, AJP, vakbonden…) die sterk aanwezig en machtig zijn bij L’Avenir, maar afwezig of toegeeflijk bij Sudinfo. Toch zal al dit moois in één groep samensmelten, waarschijnlijk in het gebouw van L’Avenir. En dat is waar de grootste uitdaging en het grootste obstakel van deze fusie beginnen, wat veel waarborgen en garanties vereist om te voorkomen dat L’Avenir volledig wordt ingeslikt en verteerd door de reus Sudinfo.

Charters, de universitaire studie en de hoofdredacteur van L’Avenir

Rossel en IPM weten dat het essentieel is om het groene licht van de Belgische Mededingingsautoriteit te verkrijgen om het dossier van L’Avenir correct te beheren. Want ondanks een gestage erosie is de media, die de meeste kranten verkoopt (61.579 inclusief webabonnementen volgens CIM verspreiding 2026), voor veel lokale gekozenen een zeldzame bron van lokale of zelfs micro-lokale informatie. En hoewel L’Avenir en Sudinfo sterk zijn in verschillende, complementaire gebieden, zijn er toch enkele regio’s (Picardisch Wallonië, Entre-Sambre et Meuse, Huy-Waremme, Verviers) waar de twee media rechtstreeks concurreren.

De vraag die veel waarnemers zich stellen, te beginnen met de BMA, is eenvoudig: gaan titels en edities verdwijnen? Rossel en IPM werken al maanden aan het geruststellen van de verschillende partijen. Er wordt gesproken van een charter dat een reeks bakens zou bevatten om het pluralisme en de edities van L’Avenir te beschermen. Een document dat bijna klaar is: daarin is bijvoorbeeld de garantie opgenomen dat L’Avenir zijn eigen hoofdredacteur behoudt, dat de edities en titels behouden blijven, en dat er percentages voor eigen en gemeenschappelijk materiaal worden vastgelegd. ‘Maar dit punt is erg moeilijk te verifiëren, we hebben al garanties gehad over de inhoudsdeling met de DH bij onze komst bij IPM, maar dat is bijna onmogelijk te controleren.’

Het knelpunt is vandaag wie verantwoordelijk zal zijn voor het controleren, om te zien of deze bakens worden gerespecteerd of niet. Volgens onze informatie hebben Rossel en IPM voorgesteld dat een nieuwe specifieke tak, binnen de bevoegdheid van de Raad voor de Journalistieke Ethiek (CDJ), het dossier zou volgen. Maar de Vereniging van Beroepsjournalisten (AJP), enorm invloedrijk binnen de redactie van L’Avenir, wil daar zelf de garanties voor geven, wat niet naar de zin is van Rossel en IPM, die moeilijke relaties hebben met de AJP en met hun historische nationale secretaris, Martine Simonis.

Bovendien hebben Rossel en IPM beroep gedaan op een andere instelling om het kader voor mogelijke en onmogelijke synergiën tussen Sudinfo en L’Avenir te bepalen. Het departement van de journalistieke opleiding van de UCLouvain en zijn directeur Benoît Grevisse werden belast met een studie om vast te stellen wat kan worden gedeeld tussen de twee titels en wat specifiek moet blijven, om een titel niet te verzwakken en om het pluralisme (en ook de werkgelegenheid van journalisten) te waarborgen. Volgens onze informatie bevindt de studie zich in de afrondings- en presentatiefase. De eerste conclusies zijn eerder positief met het oog op de fusie.

Bijvoorbeeld, nationale sport en regionale sport zouden kunnen worden gedeeld door de twee media, evenals magazine-achtige, culturele, en service-informatie. De charter zou ook benadrukken dat de titels en specifieke teams in alle regionale kantoren bewaard moeten blijven en dat er verschillen moeten zijn in de behandeling van lokaal en regionaal nieuws. Op dit moment lijkt er één titel bedreigd met verdwijning: La Capitale, de Brusselse editie (en Waals-Brabant) van Sudinfo, die opgeofferd zou kunnen worden en samengevoegd met La Dernière Heure, maar er is nog geen definitieve beslissing over genomen.

Bovendien zal de UCLouvain in een tweede fase hetzelfde werk verrichten met betrekking tot mogelijke inhoudsdelingen en de specificiteiten die moeten worden behouden tussen de twee quality papers van de toekomstige gefuseerde groep, namelijk Le Soir en La Libre. Deze studie is volgens de prioriteiten nog niet gestart (met de duidelijke focus op het regionale aspect), maar de twee prestigieuze Brusselse titels zouden bijvoorbeeld kunnen samenwerken aan internationaal, economisch of cultureel nieuws, om nog maar te zwijgen van sport.

Een grote en unieke sportredactie

Wat sport betreft, lijken de zaken vrij duidelijk: de dienst Rossel Sports, die nu al de inhoud produceert voor Le Soir en Sudinfo, zal worden uitgebreid met sportjournalisten van IPM, voornamelijk van de DH, om nog maar één sportredactie voor de hele groep te vormen, met uitzondering van RTL Sports, die weliswaar de samenwerking met Rossel voortzet, maar zijn autonomie behoudt. De naam van de toekomstige leider van de sportdivisie van Rossel gaat hardnekkig rond: het zou gaan om Cédric Baufayt, een bekende figuur van Sudinfo. Voormalig hoofd van Rossel Sports, hij heeft vooral naam gemaakt in de inhoud en digitale strategieën van de groep. Baufayt is een van de architecten van het succes van Sudinfo op het web en de creatie van video-inhoud (met name in sport) van hoge toegevoegde waarde.

Verder een grote verandering in de bezetting van Sudinfo. Justine Pons, hoofd van de redacties van Luik voor Sudinfo en RTL-Info, verlaat de boulevard de la Sauvenière om fulltime terug te keren naar de RTL-redactie. Maxime Debra, hoofd van La Meuse Verviers, zal nu het Luikse nieuws (en Vervieren) voor Sudinfo en RTL-Info leiden.

Synergies, AI, het einde van de belastingkrediet: een enorme herstructurering onvermijdelijk?

Maar laten we terugkeren naar de aangekondigde toenadering tussen Sudinfo en L’Avenir en de economische en sociale impact van deze fusie. Het zal zwaar zijn, zeer zwaar. In een vorig dossier van Forbes.be hebben we zwarte lijsten binnen de teams van L’Avenir genoemd, met namen van enkele journalisten die door de leiding van Sudinfo zouden worden ontslagen. Deze informatie is ons uit zeer goede bron bevestigd, evenals de noodzaak van een ingrijpende herstructurering in de toekomstige regionale groep. Niet alle berekeningen zijn al gemaakt, maar het lijkt duidelijk dat de synergieën, de toenadering, het gebruik van AI en de financiële situatie van de titels ontslagen onvermijdelijk maken. En blijkbaar moet er rekening worden gehouden met aanzienlijke bezuinigingen, ongeveer vijftig mensen volgens de eerste vertrouwelijke informatie die ons heeft bereikt.

En hoewel de bezuinigingen beide entiteiten zullen treffen, is het de redactie van L’Avenir die de zwaarste tol zal betalen. Vandaag is de redactie van L’Avenir degene met de meeste erkende professionele journalisten (of stagiairs) door de AJP: 118, tegenover 89 bij Sudinfo en Le Soir, 66 bij L’Echo, 47 bij La Libre en 24 bij de DH (AJP cijfers 2025).

Bovendien is de financiële situatie van L’Avenir erg zorgwekkend. Vanaf de aankondiging van het fusieproject maakte Bernard Marchant (CEO) bekend dat L’Avenir snel rendabel zou moeten worden, net als de andere titels (Sudinfo, bijvoorbeeld) en dat de nodige inspanningen daarvoor geleverd zouden worden. Slecht nieuws, er hangt een zwaard van Damocles boven de financiën van alle Franstalige persgroepen. Het einde van de overgangsmaatregel voor het belastingkrediet voor de distributie van de geschreven pers, die de beëindiging van de concessie voor de distributie van kranten (en tijdschriften) door Bpost moet compenseren. Het mechanisme moet in 2026 worden afgesloten en volgens onze informatie is de federale regering niet van plan het voort te zetten. Bij de uitgevers zijn de berekeningen al gemaakt. Voor L’Avenir zou het potentiële verlies rond de 4 miljoen euro kunnen bedragen, vanwege de grote verspreiding van zijn abonnees over de (plattelands) provincies van Wallonië. Dit zou L’Avenir in een zeer ernstige financiële situatie kunnen brengen. Voor Sudinfo zou de maatregel bijna 2 miljoen kunnen kosten, wat de huidige rendabiliteit van de regionale Rossel aanzienlijk zou verminderen.

De grote explosie van perssteun

In deze uiterst gespannen context bereidt de regering van de Federatie Wallonië-Brussel zich voor om het decreet over perssteun te hervormen. Een tekst die totaal verouderd is door de evolutie van de media en de aangekondigde oprichting van een mastodont die de verschijningsvormen van een monopolie zal hebben. Ondanks de opmerkingen en eventuele voorwaarden die de Belgische Mededingingsautoriteit zou kunnen stellen, is de hervorming van de perssteun logisch. Vandaag moet je nog steeds kranten drukken om ervan te profiteren. En als er niets verandert, zal de toekomstige Rossel-groep bijna de volledige 12,778 miljoen euro aan perssteun opstrijken (behalve de helft van de steun voor L’Echo, dat gelijkelijk wordt gehouden door Rossel en de Roularta-groep), wat kan worden gezien als staatssteun en de aandacht van de Europese Unie kan trekken, die deze verbiedt.

Om al deze redenen heeft de minister van Media, Jacqueline Galant, besloten het hervormingsproject voor de perssteun te lanceren. Maar omdat het een politiek gevoelig onderwerp is, heeft de minister de voorkeur gegeven dat de werkzaamheden worden gestart door hoorzittingen op het niveau van het parlement van de Federatie Wallonië-Brussel. De hoorzittingen zijn gepland in de loop van mei. Nieuwe digitale spelers, die op het mediapodium zijn verschenen en het pluralisme en de diversiteit van de media zouden kunnen versterken, zullen worden gehoord.

Vandaag, naast de grote krantenkoppen, delen andere tijdschriften en bladen zoals Médor, Wilfried, Imagine, la Revue Nouvelle, Tchak en L’Appel jaarlijks een subsidie van 536.962 euro, oftewel bijna 90.000 euro per titel. Maar niets voor de digitale pure players. De onderhandelingen zijn al gestart en de grote groepen, geconfronteerd met de eerder genoemde financiële moeilijkheden, willen de taart niet delen met kleinere spelers.

Maar simpel gezegd, ziet de Franstalige politieke wereld als geheel de fusie niet graag gebeuren. Om redenen van pluralisme, diversiteit, werkgelegenheid natuurlijk, maar ook om meer opportunistische redenen. Een enkele, hegemoniale en monopolistische persgroep kan een vierde macht worden, veel machtiger dan de partijen. Kortom, zelfs als de politici zich niet zullen verzetten, om de verdwijning van meerdere titels te voorkomen, zullen ze proberen mechanismen te vinden om het pluralisme te verdedigen, ook ten opzichte van de dotatie van de RTBF, die sommige partijen (het MR en Les Engagés) te groot en destabiliserend vinden voor de privésector. Volgens onze informatie zou deze dotatie opnieuw moeten worden verminderd, en niet lichtjes, in het volgende beheerscontract van de RTBF.

Fusie: een groen licht eind juni, op zijn vroegst

In feite heeft het fusieproject tussen Rossel en IPM officieel een belangrijke stap gezet met de indiening van een melding bij de Belgische Mededingingsautoriteit (BMA), die half april is geregistreerd. Voor de goede orde: het plan voorziet in de overname van de activiteiten van de geschreven pers van IPM in ruil voor een deelname in het kapitaal van Rossel (10%), vergezeld van aangekondigde garanties over de onafhankelijkheid van de redacties.

Deze fusie, uitgebreid besproken tijdens een recent bedrijfsevenement van Rossel, blijft afhankelijk van het groene licht van de Belgische Mededingingsautoriteit (BMA), die intussen een reeks aanvullende vragen over de voorgenomen synergieën heeft gesteld. Hoewel de melding oorspronkelijk eind maart moest worden ingediend, waardoor er een termijn van ongeveer twee en een halve maand voor een beslissing zou zijn geopend — mogelijk verlengd als de antwoorden onvoldoende worden bevonden — vreest de directie van Rossel nu al voor onaanvaardbare voorwaarden. Intern blijft de hoop op een akkoord voor juni bestaan, hoewel CEO Bernard Marchant zich gereserveerd toont over deze planning. In deze context van onzekerheid blijft de financiële situatie van IPM verslechteren, met reeds merkbare liquiditeitsspanningen. In geval van goedkeuring zou de implementatie van de fusie zich over 12 tot 18 maanden uitstrekken, met onmiddellijke gevolgen voor de informatietechnologie — die zou worden geharmoniseerd met eliminatie van overlappingen. De magazines daarentegen zouden niet bij deze reorganisatie worden betrokken.

Latest article