Het Frans-Belgische ondernemerskoppel David Chicard en Audrey Dumont is via Collectible.House ook professioneel met elkaar verbonden. Samen hebben ze het kasteel van Sancerre omgetoverd tot een luxehotel, een renovatie als een veelbelovend verhaal. Aan de voet van de gerestaureerde – en inmiddels opnieuw bewoonde – torens spraken we met de man achter dit project.
Dertig jaar lang stond het kasteel leeg. Onder het oog van toeristen op doorreis wachtte het tevergeefs, als de Schone Slaapster op de heuvels van Sancerre, tot een prins het wakker kuste.

Ook Sancerre zelf, dat wereldwijd beroemd staat om zijn AOC-wijnen, verkeerde in een winterslaap. Jarenlang lieten reizigers het links liggen en kozen ze massaal voor zijn rivaal, het energiekere Pouilly. “Maar een tiental jaar geleden keerde het tij. Sancerre herleefde, winkels en proefruimtes openden opnieuw hun deuren en in 2021 werd het door het tv-programma van Stéphane Bern uitgeroepen tot ‘favoriete dorp van de Fransen’. Die bekroning ontketende een toeristische boom en zo goed als alle lokale wijnboeren hebben toen in het centrum een winkel met degustatieruimte geopend”, aldus de nieuwe beheerder van het enige vijfsterrenhotel binnen een straal van 150 kilometer. Hoewel het net zijn deuren heeft geopend, is het al meteen razend populair bij een Engelstalig nichepubliek.
Bezoekers worden vergast op een “immersieve ervaring waarbij kunst, streekproducten, gastvrijheid en wellness hand in hand gaan.” Het gastronomische luik wordt geleid door de jonge Belgische chef Arnaud Munster, de zoon en rechterhand van sterrenchef Eddy Munster (Wine in the City, Jette). Verder zijn er ook een spa met La Chênaie behandelingen, prachtige hangende tuinen en de duizendjarige verdedigingstoren Tour des Fiefs die binnenkort wordt gerestaureerd. In deze setting met uitzicht over de kronkelende Loire vinden ook regelmatig openluchtexpo’s plaats. Na de succesvolle Vasarely-tentoonstelling, die ondanks de doorregende zomer 35.000 bezoekers aantrok, stond recent de beeldende kunst van het Franse kunstenaarsduo Simonnet centraal.
Davids doorzettingsvermogen
David Chicard is een autodidact en een ondernemer in hart en nieren. Hij heeft de humor en bescheidenheid van iemand die op zijn zestiende de schoolbanken heeft verlaten en zijn toekomst in de motorsport zocht. “Om piloot te worden, was ik gewoon niet goed genoeg”, zegt hij met ontwapenende eerlijkheid. “Dus werkte ik tot mijn 23e als monteur in de paddocks van endurancecircuits. We stonden in Le Mans en hebben zelfs de 24 uur van Daytona gewonnen.”
Maar al snel kwam hij in de ban van de vastgoedsector. Zijn eerste wapenfeit? “Ik heb verschillende landbouwgrondeigenaars rond de tafel gebracht om een verkaveling van 24 percelen op een herverkaveld terrein bij Poitiers op te starten. Vervolgens hebben we die verkocht aan een projectontwikkelaar.” David Chicard is geboren en getogen in de Nivernais, een centraal gelegen regio in Frankrijk, maar besloot zijn geboortestreek te verlaten en te verhuizen naar de hoofdstad van … België. In 2007 richtte hij er, samen met Julien Dessauny, Property Hunter op. Dit was zo ongeveer het eerste Belgische makelaarskantoor dat die naam waardig was. Het richtte zich vooral op vastgoed in de meest gegeerde wijken van Brussel. “We zijn net vóór de crisis van 2008 gestart … Zonder de Franse expats, hadden we meteen de deuren weer moeten sluiten. Achteraf gezien, was de markt echt minuscuul, maar we hebben wel enorm veel geleerd over klantbeleving en innovatieve positionering: bijna alles moest nog worden uitgevonden. Je moet je eigen geheime wapen ontwikkelen”, aldus David Chicard.
“Om beweging in de zaak te brengen, moest ik een van mijn twee appartementen verkopen en een lening nemen op het andere”
In 2012 merkte hij dat de nog maar weinig lokale makelaars zich richtten op de Brusselse markt voor luxeresidenties. Vanaf 2014 volgde daarom een gedurfde zet: hij bestormde New York en haalde zo goed als zonder financiële marge maar met lef en overtuiging de licentie binnen van Sotheby’s International Real Estate voor België. “Om beweging in de zaak te brengen, moest ik een van mijn twee appartementen verkopen en een lening nemen op het andere.” Het avontuur groeide onverwacht snel: van nul naar 45 medewerkers in minder dan tien jaar, met kantoren in Brussel, Antwerpen en Lasne. Midden in de coronapandemie kwam er zelfs nog een vestiging in Marokko bij. “Het was een buitengewoon traject met een schitterend merk. We hebben unieke projecten mogen begeleiden en ongelooflijk veel geleerd. Ik vind het alleen jammer dat ik nooit een kantoor in Knokke heb kunnen openen, die markt heb ik nooit kunnen doorgronden”, glimlacht hij.
Terug naar Frankrijk
Resultaat: toen hij tien jaar later de Belgische Sotheby’s-licentie overdroeg aan Philippe Gillion en diens vrouw (Macan.Group) had het jonge bedrijf dankzij een uitzonderlijk post-covidjaar 2021 indrukwekkend veel winst gegenereerd. “Dat is een van de redenen waarom we een bijzonder gunstige overnameprijs hebben gekregen. Zo konden we ons oorspronkelijke plan sneller dan voorzien hervatten: een collectie creëren van een tiental uitzonderlijke locaties en individuele woningen, strategisch dicht genoeg bij elkaar en georganiseerd rond een centraal onthaalpunt dat binnen vijf minuten wandelafstand alle hoteldiensten voor de hele collectie zou aanbieden”, verduidelijkt hij. Het initiële budget per pand bedroeg daarbij maximaal zo’n twee miljoen euro.
Vervolgens kocht hij eerst een charmant dertiende-eeuws landhuis aan de oevers van de Loire. Daar woont hij met zijn gezin wanneer hij niet in Brussel is en zijn vrouw kan ook van daaruit werken. Daarna herontdekte David Chicard samen met zijn jeugdvrienden Sancerre en de omliggende dorpen (La Borne, Aspremont-sur-Allier) en zagen ze hoe het lokale leven opnieuw tot bloei kwam.

“Hier is het als een echt Gallisch dorp: bijna alles is in handen van lokale wijnbouwers”
Zijn instinct en durf brachten hem opnieuw geluk. Hij was immers intensief op zoek gegaan naar een toeristische locatie voor zijn collectie – van Normandië tot Bretagne en Zuid-Frankrijk – zonder een passende commerciële oplossing voor een renovatieproject te vinden. Uiteindelijk keerde de vastgoedjager terug naar zijn roots rond Sancerre. “Maar hier”, glimlacht hij, “is het als een echt Gallisch dorp: de meeste eigendommen zijn in handen van lokale wijnbouwers en wie van buiten komt, heeft doorgaans pech.” Tijdens een bezoek ontmoette hij Françoise, een charmante dame die werkte op het domein aan de voet van het kasteel. Dat landgoed werd in 2017, samen met de overige bezittingen van de familie Marnier (Grand Marnier, wijngaarden, vastgoed in Saint-Tropez, red), verkocht aan de Italiaanse groep Campari. Het kasteel stond toen in de steigers, maar was in goede staat en was onverkocht gebleven. Hetzelfde gold voor de omliggende vijf hectare tuinen en bossen die binnenkort Unesco-werelderfgoed worden.
Na grondig vooronderzoek besloot David Chicard de historische eigenaars van het kasteel rechtstreeks te benaderen. “Ik stuurde de familie Marnier een brief, bijna als een fles in zee. Daarin schreef ik hoe jammer ik het vond dat het kasteel geen tweede leven werd gegund en dat ik daar zelf graag voor zou zorgen, als ze daarin toestemden. Vier dagen later belde de familie me op met het voorstel elkaar te ontmoeten. Nog twee weken later was de deal rond: zonder dat ik ervan wist, hadden ze net beslist het kasteel te koop te zetten. Ik had hen dus toevallig op het juiste moment én met een interessant project gecontacteerd”, vertelt de CEO van de jonge Belgische patrimoniale holding Collectible.House. De acquisitie werd gefinancierd met eigen middelen, via Belfius Bank en dankzij een lening van Michel J. Cigrang (CLdN RORO / Bank Degroof). Zo kon het bedrijf dit eerste prestige-actief verwerven en omvormen tot een domein met zeventien kamers (via de toevoeging van acht extra kamers). Ook werd het restaurant van het domein vernieuwd en is het voortaan via een glazen kubus toegankelijk van buiten het complex.
Voor beide ontwikkelingsfases werd een budget van 7,5 miljoen euro voorzien, met de ambitie om op middellange termijn meerdere extra verblijfsplekken in de omgeving toe te voegen. Dit volgt op een eerste kapitaalronde bij de bestaande aandeelhouders. Op slechts drie minuten wandelen van het kasteel staat bijvoorbeeld een priorij met een grote tuin. Die heeft de vastgoedjager al in het vizier. David Chicard wil de capaciteit snel uitbreiden: na amper drie maanden operationeel draaien, noteert het domein al een bezettingsgraad van 85%.
En dat is nog maar het begin: tal van Belgische partners werken mee aan de renovatie van het kasteel. We kunnen dus gerust zeggen dat de Belgische expertise op elk niveau zichtbaar aanwezig is.
Lijst van Belgische partners die hebben meegewerkt aan de renovatie van het kasteel
• Jérôme Lescrenier – Binnenhuisarchitect
• Stanislas de Poucques – Artistiek directeur, voormalig communicatiedirecteur van het MIMA
• Emma Terweduwe – Textielkunstenares die vijftien originele stukken heeft ontworpen voor de gemeenschappelijke ruimtes.
• Luce Lighting Concept – Ontwerper van de verlichting
• Julien Vankriekinge en zijn team – Technische assistentie, coördinatie van de installatie
• Maximilien Lefebvre – Houtbewerking
• Secure Inside – Domoticaoplossingen
• PALIN – Groene ruimtes
• Rémi Pierre & Stefan Morael – Landschapsarchitectuur en tuinen
• Serax – Meubilair, verlichting, objecten en accessoires. Samenwerking met Marie Michielssen en Vincent Van Duysen
• Collett & Victor – Félix-banken, Kitros-fauteuils, verwarmde stoelen





